Bloedgevers

Ook jij kan bloed nodig hebben!

Rode Kruis zorgt er voor dat er voor ieder van ons steeds voldoende bloedvoorraad is. Dit is niet zo vanzelfspre- kend als het lijkt, want bloed kan slechts 35 dagen bewaard worden. Er is dus steeds "nieuw" bloed nodig, voor mensen die bij een ongeval veel bloed hebben verloren, voor grote operaties,... Ook plasma geven is heel belang- rijk. Uit plasma worden levensbelangrijke produkten getrokken die ondermeer dienst doen bij de behandeling van shock en brandwonden. Dankzij de inzet van duizenden vrijwillige bloedgevers en een strenge medische controle is het bloedtransfusiesysteem in ons land één van de veiligste van heel de wereld.

Het zit ze in het bloed.

Rode Kruis-Vlaanderen zamelt jaarlijks meer dan 350.000 bloedzakjes in. Dankzij duizenden vrijwillige bloedgevers kunnen we daarmee volledig voorzien in de vraag naar bloed (en bloedproducten). Er is echter één maar. Jaarlijks haakt 12% van de donors af. Omdat ze de leeftijdsgrens van 65 jaar bereiken, maar ook door ziekte, verhuis zonder adres na te laten, enz.

Aflossing van de wacht is dan ook constant nodig! En er is meer. Jongeren bereiken we nu net minder, zeker met de bloedinzamelingen die we in de diverse gemeenten organiseren.
Ook jij kan bloed geven. Ben je tussen de 18 en 65 jaar, gezond en vertoon je geen risicogedrag voor AIDS?
Dan kan je bloeddonor worden. Kalender bloedafnames

Gemiddeld heeft een gezonde, volwassen persoon zo'n 4 tot 6 liter bloed, afhankelijk van zijn lichaamsgewicht.
Bij een bloedafname geef je 7,5 ml bloed per kg van je lichaamsgewicht. Het maximum dat je mag geven is echter 500 ml. Kun je dat bloed missen? Ja zeker. Onmiddellijk na de bloedgift start je lichaam met de aanmaak van nieuwe bloedcellen. Na enkele weken is de bloedsamenstelling opnieuw zoals voorheen. Toch mag je slechts viermaal per jaar bloed geven.

Hoe verloopt een afname?

Een bloedinzameling gaat steeds door in aanwezigheid van een dokter.
Hij overloopt samen met jou een vragenlijst, die je op voorhand hebt inge- vuld. Na een kort onderzoek beslist hij of je in aanmerking komt om bloed te geven. Dan ga je liggen op één van de bedden, na de voorkeur te hebben uitgesproken of je links of rechts bloed wilt geven.

De verpleegkundige legt een knelband aan rond de linker- of rechterarm, geeft een prikje met een steriele naald en je bloedgift begint. Indien gewenst, krijg je een knijpballetje, zodat je bloed sneller naar het bloedafnamezakje
stroomt. Dit kan ook door regelmatig met je vingers te knijpen in vuisttoestand. Als het zakje vol is, worden uit dezelfde leiding nog enkele proefbuisjes bloed afgenomen, waarop de bloedbank dan later de labotesten doet. Vervolgens wordt je arm verzorgd en mag je de afnamezaal verlaten.

Bloed geven is absoluut veilig, dit gebeurt door speciaal opgeleid personeel en met steriel materiaal. Na de afname krijg je twee drankbonnen en kun je in een gezellige sfeer napraten met andere bloedgevers. Bij elke gift krijg je een klein geschenk of een geschenkbon. Daarna kun je gewoon doorgaan met wat je bezig was. Werken, studeren,...

Het is dus een fabeltje dat je geen deel van je bloed kan missen. De meerder- heid voelt niets van een bloedgift. Je kan de kans op een flauwte verkleinen door vooraf een lichte, vetarme maaltijd te nuttigen. Per jaar kan je maximum
4 maal bloed geven. Het is niet zo dat je na een bloedgift verplicht bent om opnieuw bloed te geven. U beslist zelf om terug te komen of niet.

Wat gebeurt er met het bloed dat ik geef?

Na de bloedafname worden de ingezamelde bloedzakken naar het bloedtransfusiecentrum gebracht voor verdere verwerking. Op de bloedstaaltjes die bij elke bloedgifte worden afgenomen, gebeuren een aantal onderzoeken. Wanneer onderzoek en verwerking afgelopen zijn , worden het bloed en de bloedprodukten doorgaans voor bewaring naar de bloedbank gebracht. Pas wanneer er vraag is naar bloed of zijn afgeleiden, volgt de levering aan het ziekenhuis. We zullen wat verder ingaan op deze vier stappen.
Verwerking.
Allereerst wordt je bloedzakje in een snel draaiende trommel (4.700 toeren per minuut!) geplaatst en door de middelpuntvliedende kracht zakken de rode bloedcellen onderaan en komt het plasma bovenaan in het zakje te zitten. Dan gaat men over tot het splitsen van beide bestanddelen. Soms wordt er nog een derde bestanddeel van het bloed afgescheiden: de bloedplaatjes. Dat is dan ook de reden waarom je bij de bloedafname een bloedzakje met 2 of meer satellietzakjes krijgt. Om elke patiënt optimaal te helpen, is het best dat hij enkel de bloedbestandsdelen krijgt waaraan hij echt behoefte heeft. Daarom wordt het bloed opgesplitst in bloedcellen en plasma, soms ook in bloedplaatjes. Plasma wordt verder opgesplitst in verschillende componenten.
Labotesten.
Het bloed wordt onderzocht in het belang van zowel de donor als de patiënt. Zo dienen deze testen niet alleen om de bloedcellen te tellen en de bloedgroep te bepalen, maar ook om via het bloed overdraagbare aandoeningen op te sporen: AIDS, hepatitis B en C, Syfilis. Als uit dit bloedonderzoek bijvoorbeeld blijkt dat je een tekort hebt aan ijzer of bloedplaatjes, dan krijg je een bericht waarin wordt gevraagd om contact op te nemen met je huisarts.
Bewaring.
Zoals hierboven reeds vermeld, kunnen bloedcellen ten hoogste 35 dagen bewaard blijven bij 2°C to 6°C. Plasma wordt ingevroren bij een temperatuur van -40°C en blijft langer dan 1 jaar bruikbaar. Bloedplaatjes daarentegen kunnen maar 5 dagen bewaard worden op 22°C.
Levering.
Pas wanneer alle controles uitgevoerd zijn, kan het bloed doorgegeven worden aan de ziekenhuizen.

Wie help ik?

Door 1 zakje bloed te geven, help je méér dan 1 patiënt!
  • Mensen met bloedarmoede of slachtoffers van verkeersongevallen.
  • Het plasmagedeelte wordt verder bewerkt tot vier soorten geneesmiddelen door de Centrale Afdeling voor Fractionering van Rode Kruis. CAF die haar opslagruimte heeft te Buggenhout) Namelijk stollingsfactoren voor hemofiliepatiënten, antistoffen die ziekten bestrijden en eiwitoplossingen die onder meer nuttig zijn voor brandwondenpatiënten in shocktoestand. Soms krijgt de patiënt het ontdooide zakje plasma in zijn geheel toegediend en dan spreken we van virusgeïnactiveerd plasma. Dit gebeurt vooral bij zware heelkundige ingrepen.
  • Bloedplaatjes zijn vooral nodig voor leukemiepatiënten en patiënten met ernstig bloedverlies.
Bloedgroep
O+
A+
B+
O-
A-
AB+
B-
AB-
% in België
38 %
34 %
8,5 %
7 %
6 %
4,1 %
1,5 %
0,8 %

Plasma geven, helpt.

Ben je tussen 18 en 65 en gezond, dan kan je plasma geven. Elke week als je dat wil, maar max. 30 maal per jaar. Plasma geven is daadwerkelijk helpen. Je geeft tal van patiënten de kans om weer op de been te geraken.
Mensen met brandwonden, zwangere vrouwen, leukemiepatiënten of - meer algemeen - mensen met een verzwakt afweermechanisme.

Plasma: een belangrijk bloedbestanddeel. Het maakt ongeveer 55 % uit van het bloedvolume. Plasma bevat, naast water, vooral regelende stoffen zoals hormonen, vitaminen en eiwitten. Plasma wordt tot gebruiksklare geneesmiddelen verwerkt. Geneesmiddelen die nodig zijn voor patiënten met hemofilie, met brandwonden.
Voor hemofiliepatiënten, die op elk moment een blijvende bloeding kunnen krijgen, is het zelfs een dagelijkse noodzaak om te overleven. Ons land heeft elk jaar meer dan 200.000 liter plasma nodig om zelf voldoende plasmaproducten te maken.

Ook jij kan iets doen. Word vrijwillige plasmadonor. Contacteer daarvoor het bloedtransfusiecentrum. Je krijgt alle inlichtingen en kan er verder afspreken. Of loop gewoon eens langs. Je merkt meteen dat plasma geven maar even duurt (ongeveer 30 minuten) en dat je er terechtkomt in een ontspannen, vriendelijke omgeving.
Daar kun je tevens terecht voor bloed- en bloedplaatjesdonaties.

Hoe help je als plasma donor?

Bloedstollingsfactoren

Wanneer we bloeden, inwendig of uitwendig, stolt ons bloed om de wonde te stelpen en dicht te maken. Bij hemofiliepatiënten is dat niet zo. Zij hebben een erfelijk tekort aan stollingsfactoren en lopen dan ook het risico op blijvende bloedingen. Voor hen is dit plasmaproduct dan ook levensnoodzakelijk. Daarnaast worden bloedstollingsfactoren ook toegediend aan vrouwen met onstelpbare bloedingen na een bevalling.
Producten die het bloedvolume verhogen

Mensen met brandwonden of bloedverlies of mensen die in shock zijn hebben nood aan producten die hun bloedvolume snel op peil brengen. Deze producten bestaan in minder en meer geconcentreerde vorm, al naargelang de nood van de patiënt.
Afweerstoffen
Om verschillende redenen kan ons natuurlijk verdedigingsmechanisme tegen ziektekiemen aangetast zijn. Uit plasma worden tal van afweerstoffen gehaald voor uiteenlopende toepassingen.
- Bescherming tegen hepatitis A en B, verwikkeling van mazelen en andere zware infectieziekten
- Bestrijding of voorkoming van tetanus
- Bescherming van rhesus-positief kind, gedragen door rhesus-negatieve moeder
Virusgeïnactiveerd plasma

In sommige omstandigheden krijgt de patiënt het zakje plasma in zijn geheel toegediend. Dat gebeurt vooral bij zware heelkundige ingrepen, brandwonden en bij stollingsstoornissen.

Bloedplaatjes geven helpt

Dit is een weinig gekende vorm van bloed geven. Gezonde donors geven, met behulp van een automatisch toestel, een hoeveelheid bloedplaatjes opgelost in 200 tot 300 ml plasma. Bloedplaatjestransfusie bij patiënten met een tekort aan plaatjes is de belangrijkste toepassing. Donors zijn dus onmisbaar!

Hoe verloopt een bloedplaatjesafname?
Met behulp van een toestel wordt bij een donor bloed afgenomen.
Door centrifugatie worden de bloedplaatjes afgescheiden en opgelost in een kleine hoeveelheid plasma. De andere bloedbestanddelen, cellen en plasma, worden aan de donor teruggegeven.

Slechts een beperkte hoeveelheid bloedplaatjes wordt afgenomen, waardoor het plaatjesaantal in het lichaam maar lichtjes daalt.

De afgenomen bloedplaatjes worden trouwens snel weer aangemaakt. De donor blijft beschikken over een voldoende aantal plaatjes voor zichzelf. Bloedplaatjes kunnen maximum 5 dagen bewaard worden. Dit betekent dat bloedplaatjesdonors opgeroepen worden door het bloedtransfusiecentrum wanneer dit echt nodig is.
Er zijn dus geen doorlopende afnamen zoals bij het bloed- en plasmageven.

Zijn bloed en bloedprodukten duur?
Ja, jammer genoeg wel! De bloedafname zelf gebeurt door beroepskrachten en alle gebruikte materialen en tests zijn van hoge kwaliteit om de veiligheid van zowel donor als patiënt zo hoog mogelijk te houden. De kosten die dit meebrengt resulteren in dure, maar veilige produkten. Toch is het niet de bedoeling van Rode Kruis om grote winsten te maken met bloedtransfusie ... wel om op een rendabele manier borg te staan voor een voldoende voorraad bloed en bloedprodukten. De inzet van de vele vrijwilligers die telkenmale de bloedafnames organiseren en de vrijwilligheid van de bloedgift zijn daar het sprekende bewijs van!

AIDS-risicogedrag

Je mag tijdelijk (12 maanden) GEEN bloed geven als
  • Je tegen betaling seks heeft gehad.
  • Je verwond hebt met naald of scherp voorwerp waarop mogelijk bloed zat van een andere persoon.
  • Je verbleven hebt in een land waar AIDS veel voorkomt (te bespreken met de geneesheer)
Je mag GEEN bloed geven als:
  • Je seksuele partner HIV*-seropositief is of AIDS heeft.
  • Je seksuele partner als man ooit seks heeft gehad met (een) andere man(nen).
  • Je seksuele partner ooit drugs heeft gespoten.
  • Je seksuele partner lijdt aan hemofilie.
  • Je bezorgd bent over risicodragende seksuele contact(en) en wilt weten of u besmet bent.
  • Je niet op de hoogte gebracht wilt worden van een afwijkende test.
  • Je meerdere of wisselende seksuele partners heeft.
  • Je, als inwijkeling na 1977, afkomstig bent uit een land waar AIDS veel voorkomt. (te bespreken met de geneesheer)
  • Je seksuele partner afkomstig is uit een land waar AIDS veel voorkomt. (te bespreken met de geneesheer)
(*HIV-virus veroorzaakt de ziekte AIDS)

12 maanden na het beëindigen van één van deze verhoogde risicogedragingen kom je als donor opnieuw in aanmerking. (te bespreken met de geneesheer)

Je mag NOOIT bloed geven als:
  • Je HIV-seropositief bent of AIDS hebt.
  • Je als man sinds 1977 seks heeft gehad met (een) andere man(nen).
  • U ooit drugs heeft gespoten.
  • Je lijdt aan hemofilie.
  • U aan prostitutie doet of deed.

Wij danken jou.

Wij danken alle personen die hun verantwoordelijkheid opnemen en geen bloed, plasma of bloedplaatjes geven omwille van een eventueel risicogedrag voor AIDS omdat zij op deze wijze meewerken aan de veiligheid van de bloedtransfusie. Voor meer informatie, kan je contact opnemen met onze afdelingsvoorzitter Johan Van Aken